maandag 27 mei 2013

forelvissen


Forelvissen



Hallo ik ben De Feyter Gino en ik vis nu ondertussen al 28 jaar.
En dat op alle soorten vis en zowel op zee als op staatsvijver.
Maar vandaag gaan we het over forel hebben,
Ik ga graag eens op forel vissen en heb ondervonden dat er een paar grote misverstanden zijn.
Zo vertelde een vriend van mij ha forelvissen dat is niet vissen een forel is een domme vis die vangt zijn eigen.
Forellvissen dat is geen vissen daar moet ge zelfs niet voor kunnen vissen heef mij een stok met een lijntje en een haak en ik zal er wel vangen.
Dus ik dacht ach zo en ik vroeg : maatje heb je al eens weest forelvissen?
Antw:hmmm nee?
Ga je mee morgen en geloof mij pak u werphengel mee want ze gaan laggen met uw takje.
Om het kort te houden:
Resultaat:
hij 9 forellen
ik 23 forellen
Je moet er wel rekening mee houden dat je 4 forellen in je leefnet krijgt als je een hele dag gaat vissen.
Dus zo dom was die forel niet,
Genoeg over mij want ik denk niet dat je daarvoor hier bent.
Zo ga ik te werk:
Ik vind het echt noodzaakelijk om zoveel mogelijk informatie in te winnen als ik op een bepaalde soort vis ga vissen.
Ik weet graag van waar komt deze vissoort en vooral de grote of gewicht.
Een beetje de biographie van de vis.
De naam forel, maar dan exclusief bedoeld als biologische soortnaam voor Salmo trutta staat voor een groep van vissen die volgens de meeste auteurs beschreven moeten worden als vormen (en niet als ondersoorten). Gebruikelijk is toch om wel onderscheid te maken in drie ondersoorten:
  • De zeeforel als een trekkende (anadrome) vorm van de forel : Salmo trutta trutta.
  • De meerforel : Salmo trutta lacustris
  • De beekforel : Salmo trutta fario



DE MEERFOREL
De meerforel (Salmo trutta lacustris) is een vis uit de familie zalmen (Salmonidae). Deze vis heeft nog twee verschillende vormen: de zeeforel (S. t. trutta) en de beekforel (S. t. lario).De meerforel wordt beschouwd als een zoewatervorm vorm van de forel (S. trutta). Uit onderzoek blijkt dat iedere forel zich, naargelang de omstandigheden, kan ontwikkelen tot ofwel een naar zee migrerende vorm, (zeeforel) ofwel een vis die zijn hele leven in het zoete water verblijft (beekforel en meerforel). Het onderscheid in ondersoorten (S. trutta fario, S. trutta lacustris en S. trutta trutta) is daarom onjuist.In het Engels worden deze vormen (beek- en meerforel) 'brown trout' genoemd. Daarom komt de naam bruine forel regelmatig voor in slecht vertaalde publicaties over forel. Door slechter vertalingen kan ook verwarring optreden met de Noord-Amerikaanse "Lake trout" Salvelinus namaycush, een zelfstandige soort met een groenige grondkleur en lichte vlekken.

Kenmerken

De meerforel heeft een gedrongen, torpedovormig lichaam, dat aan de flanken wat samengedrukt is. De rug is blauwgrijs tot groengrijs, de buik lichtgrijs tot wit en de flanken zijn zilverkleurig met vele onregelmatig gevormde, vaak x-vormige zwarte vlekken. Uiterlijk kan de meerforel worden onderscheiden van de beekforel door het ontbreken van de rode punten.
De meerforel is normaal 40 tot 80 cm lang. Het grootste exemplaar dat gevangen is was 113 cm lang. Het dier weegt meestal 0,8 tot 5,0 kilo, maar er is ook een dier van 15,6 kilo gevangen.










DE BEEKFOREL
De beekforel kan tot 60 cm lang worden en weegt dan bijna 7 kilo. Hij komt van oorsprong voor in Europa en Azië. Er wordt gepaaid in snelstromende beken en rivieren, waar de eieren met bodemmateriaal worden bedekt. De beekforel wordt beschouwd als een niet-trekkende vorm van de forel (S. trutta). Uit onderzoek blijkt dat iedere forel zich, naar gelang de omstandigheden, kan ontwikkelen tot ofwel migrerende vorm (zeeforel) of een vis die zijn hele leven in het opgroeigebied in het zoete water verblijft (beekforel). Het onderscheid in ondersoorten (S. trutta fario en S. trutta trutta) is daarom onjuist.In het Engels wordt deze niet-trekkende vorm (samen met een andere niet-trekkende vorm, de meerforel) brown trout genoemd. Daarom komt de naam bruine forel regelmatig voor in slecht vertaalde publicaties over forel.
Om de forellenstand op peil te houden worden vele forellen in kwekerijen kunstmatig uitgebroed en daarna in zoet water uitgezet. In het najaar worden de geslachtsrijpe forellen gevangen; men vangt sperma en eieren zorgvuldig op in een bakje en mengt ze om bevruchting te verzekeren. De eieren worden dan in broedbakken in stromend water gebracht, waar ze 's winters blijven. Vroeg in de lente komen de jongen uit en men zet ze dan kort daarna uit in stromend water, onder andere in de Geul en vele Belgische beken. Dankzij beheersmaatregelen worden steeds meer paaigronden hersteld en is er hoop op een terugkeer van de beekforel.
In Gelderland is er één zichzelf al een jaar of veertig in stand houdende populatie, die oorspronkelijk afkomstig is van een uitzetting door koning Willem III. In 2004 is er nog succesvolle voortplanting aangetoond.





Je vraagt je nu af wat ben ik met de biografie van wat forellen als ik wil forelvissen?
Simpel als je iemand uitnodigt voor te komen eten wil je ook graag weten wat eten ze graag en wat eten ze niet en dat weet je maar als je iemand KENT.
Dus mijn ebook over forelvissen bestaad uit de volgende onderdelen.
  1. Wat zijn de gewoontes.
  2. Wanneer kan ik het beste gaan forelvissen.
  3. Waar kan ik het beste forelvissen.
  4. Hoe begin ik met forelvissen.
  5. Wat te gebruiken om te forelvissen.
  6. Wat is het grote geheim om te forelvissen.




Zo dat is het zo een beetje, veel succes met het forelvissen.




Met vriendelijke groeten,
dfg

Geen opmerkingen:

Een reactie posten